Stijging aantal euthanasiegevallen zorgwekkend

26 maart 2026

Op 26 maart 2026 is het jaarverslag van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE) gepubliceerd met daarin belangrijke cijfers over de Nederlandse euthanasiepraktijk in 2025. Opnieuw steeg het aantal euthanasiemeldingen. Waar in landen om ons heen, denk aan het Verenigd Koninkrijk en Schotland, de laatste tijd hevig gedebatteerd werd over de vraag of euthanasie bij terminale ziekten toegestaan zou moeten zijn, is euthanasie in Nederland al bijna vijfentwintig jaar geregeld in de euthanasiewet. Sinds die tijd stijgt het aantal meldingen fors van 1882 in 2002 naar ruim 10.000 nu en ontvangen mensen met allerlei verschillende aandoeningen euthanasie.

Bert-Jan Heusinkveld, directeur NPV: “Je kunt je afvragen of wat ons land als normaal is gaan beschouwen, wel zo normaal is. De NPV is van mening dat de levenseindezorg zich dient te richten op de vraag: ‘Hoe kunnen we iemand helpen bij het leven?’ en niet op de vraag: ‘Hoe kunnen we iemand helpen de eigen dood te regisseren?’”

De nieuwste cijfers tonen dat de RTE’s in 2025 10.341 meldingen van euthanasie ontvingen. Dat betekent dat zo’n 6% van het totaal aantal overlijdensgevallen dat jaar door euthanasie kwam. Het is een stijging ten opzichte van 2024 toen het aantal op 9.958 uitkwam.

Grond van euthanasie

Ruim de helft de meeste mensen die in 2025 euthanasie ontvingen, hadden een vorm van kanker. Over de jaren heen daalt het aandeel mensen dat euthanasie krijgt op grond van een kankerdiagnose (zo was dit in 2015 nog 73%). De stijging in het aandeel mensen dat euthanasie ontvangt vanwege dementie en psychische aandoeningen is opvallend. Waar in 2025 499 mensen (4,8% van totaal) euthanasie ontvingen vanwege dementie, lag dat aantal in 2015 respectievelijk 2020 nog op 109 (1,9% van totaal) en 170 (2,5% van totaal).

Andere redenen voor euthanasie in 2025 zijn: een combinatie van lichamelijke aandoeningen (18,5%), aandoeningen van het zenuwstelsel (7%), hart & vaataandoeningen (4,9%), een stapeling van ouderdomsaandoeningen (4,6%), longaandoeningen (3,2%), combinatie van lichamelijke en psychische aandoeningen (0,8%) en overige aandoeningen.

Psychisch lijden

Nederland is één van de zes landen wereldwijd die euthanasie op grond van psychisch lijden toestaat. Sinds de komst van de euthanasiewet is een stijging te zien in het aantal mensen dat om deze reden euthanasie krijgt. Zo ontvingen in 2015 56 mensen euthanasie op psychische grondslag (1% van het totaal) en lag dat aantal in 2020 op 88 (1,3%) van het totaal.

In 2025 waren er 174 euthanasiemeldingen op grond van psychische aandoeningen, wat 1,7% van het totaal aantal meldingen was. Dit is een daling ten opzichte van 2024, toen dit aantal nog op 219 lag. Afgelopen jaren is er – naar aanleiding van de dood van de 17-jarige Milou in 2023 – veel discussie geweest over euthanasie bij psychisch lijden. Inmiddels is de Nederlandse vereniging van psychiaters haar richtlijn ‘Levensbeëindiging op verzoek bij patiënten met een psychische stoornis’ aan het herzien. Opvallend bij deze doelgroep is dat in de leeftijdsgroep onder de 30 jaar ook een forse stijging van euthanasiegevallen waargenomen wordt, waarbij het vooral gaat om jonge vrouwen. Waar er in 2020 5 mensen onder de 30 jaar euthanasie ontvingen, ligt dat aantal in 2025 op 19 (waarbij het hoogtepunt op 30 in 2024 lag). NSC stelde in 2025 voor om een tijdelijk verbod op euthanasie bij psychisch lijden onder de 30 jaar in te stellen, maar dit voorstel werd verworpen in de Tweede Kamer.

Achtergrondkenmerken

Kijkend naar euthanasie in het algemeen, valt op dat in 2025 iets meer mannen dan vrouwen euthanasie ontvingen (5292 t.o.v. 5049). De meeste euthanasieën vonden plaats in de leeftijdscategorie 70-80 jaar. In de groep 18-30 kwamen in totaal 33 meldingen binnen. Eén melding ging over een minderjarige tussen de 12 en 18 jaar bij wie sprake was van een lichamelijke aandoening. Het aantal meldingen van duo-euthanasie, waarbij twee personen met een nauwe relatie tegelijk euthanasie ontvangen, is gestegen van 54 in 2024 naar 60 in 2025.

Verschillende artsen voeren euthanasie uit

In het grootste deel van de meldingen was de huisarts de uitvoerend arts (8.166). 1.460 artsen waren verbonden aan het Expertisecentrum Euthanasie (EE). EE-artsen worden veelal ingeschakeld als een eigen arts het verzoek te ingewikkeld vindt of op principiële gronden geen euthanasie wil verlenen. Zorgelijk is dat artsen van het EE geen behandelrelatie met de patiënt hebben, waardoor vragen gesteld kunnen worden als: kennen zij de patiënt goed genoeg om een verzoek te beoordelen? En hebben zij echt genoeg prikkels, tijd en expertise om alternatieven (in de palliatieve zorg) te onderzoeken?

Zorgvuldig/onzorgvuldig

Zeven van de 10.341 meldingen werden door de RTE als ‘onzorgvuldig’ beoordeeld. Redenen voor deze beoordelingen waren dat er niet voldaan werd aan de vereiste van onafhankelijke consultatie (1x), grote behoedzaamheid bij psychische aandoening (1x) en medisch zorgvuldige uitvoering (5x).

Normalisering van euthanasie gevaarlijk

De NPV maakt zich zorgen om de progressieve wind van zelfbeschikking en individualisme die voelbaar is rond euthanasie. Veel te vaak wordt euthanasie gepresenteerd als een van de gewone opties rond het levenseinde. Dit kan (kwetsbare) mensen op ideeën brengen waar zij anders niet op gekomen zouden zijn. Mensen kunnen zich onder druk gezet voelen om euthanasie als optie te overwegen. Sterker nog, zij kunnen het idee krijgen zich te moeten verantwoorden wanneer zij willen blijven leven – zeker wanneer zij zich een last voelen voor hun naasten.

Bert-Jan Heusinkveld: ‘Hoewel in Nederland de meeste euthanasiemeldingen als zorgvuldig zijn bestempeld, betekent dit niet dat wij als land het moreel juiste doen. De NPV ziet graag dat Nederland zich inzet voor een cultuur van leven waarbij ieder mens liefde en de juiste zorg ontvangt zodat iedereen zich gezien en gewild voelt tot het einde’.

 

Stijging aantal euthanasiegevallen zorgwekkend