Als er een kind wordt geboren, is meestal de eerste vraag: is het een jongen of een meisje? Bij de geboorte is dit in principe in een oogopslag vast te stellen. Elk nieuw mensenleven kenmerkt zich (onder meer) door het geslacht: mannelijk of vrouwelijk. Een eicel draagt een X-chromosoom en elke zaadcel een X of Y-chromosoom. Als deze cellen samensmelten, ontstaat een combinatie van het X- of Y-chromosoom van de zaadcel met het X-chromosoom van de eicel: een meisje (XX) of een jongen (XY). Iemands geslacht is in het gehele lichaam terug te vinden, onder meer in de geslachtscellen, chromosomen, hormonen en hersenen.
Genderdysforie (ook wel bekend als geslachtsidentiteitsstoornis) is volgens de DSM-5 een gevoel van onvrede (dysforie) met het eigen biologische geslacht (de sekse). Schattingen zijn dat 0,7% van de Nederlandse bevolking hieraan lijdt: 0,4 procent van de mannen en 0,3 procent van de vrouwen. Deze cijfers worden tegenwoordig vaak als te laag beschouwd, omdat meer mensen zich melden voor zorg dan vroeger. De term genderidentiteit verwijst naar een manier van denken waarbij men zich niet laat leiden door welk geslacht iemand is, maar hoe iemand zich voelt: welke identiteit hij of zij op dat moment ervaart. In de tegenwoordige cultuur wordt zo iemand transgender genoemd.
Er zijn mensen die stellen dat genderdysforie biologisch bepaald is. Hier is echter geen overtuigend bewijs voor gevonden. Ook biedt het geen verklaring voor het feit dat bij de grootste groep kinderen gevoelens van genderdysforie in de puberteit verdwijnen. Anderzijds is er ook weinig bewijs waarin factoren uit de omgeving van invloed zijn op het ontstaan van genderdysforie. Een duidelijk aanwijsbare oorzaak is er niet.
Genderdysforie is iets anders dan intersekse. Als iemand intersekse is, is er sprake van (vaak) chromosomale aangeboren afwijkingen waarbij bepaalde lichamelijke kenmerken anders zijn. Soms is bij de geboorte aan de hand van lichaamskenmerken niet meteen duidelijk of iemand mannelijk of vrouwelijk is. Tegenwoordig wordt vaker gesproken over DSD in plaats van intersekse. DSD staat voor Disorders/Differences of Sex Development (stoornissen van de geslachtsontwikkeling). Soms is een operatie medisch noodzakelijk of gewenst, soms niet. Waar vroeger soms werd ingegrepen op een advies van een arts op heel jonge leeftijd, wordt nu vaker gewacht met ingrijpen. Dan kan gesproken worden met het kind of de volwassene zelf. Het toenemend aanbod van prenataal onderzoek draagt wereldwijd bij aan een toename van afbrekingen van zwangerschappen, ook bij DSD’s. Meer dan ooit is het nodig dat we uit blijven dragen dat ieder kind welkom is, ook als er sprake is van een afwijking of aandoening.
In Nederland én wereldwijd stijgt de vraag naar transgenderzorg. Daarbij melden zich steeds jongere kinderen. Het aantal meisjes dat om transitie vraagt is drie keer hoger dan het aantal jongens. Opvattingen over geslacht en gender (je ervaring van man/vrouw zijn) verschuiven. In sommige voorlichtingsmethoden op het basisonderwijs worden kinderen gestimuleerd hun seksuele oriëntatie, genderidentiteit, genderexpressie, geslachtskenmerken en de variëteit hierin te ontdekken, te accepteren of zelfs te kiezen. De gedachte vindt ingang dat kinderen bij de geboorte een geslacht krijgen toegewezen, maar dat dit niet bepalend is.
Het denken over genderdysforie en mensen die zich transgender noemen, is veranderd. De overtuiging heeft wortel geschoten dat iedereen vrij is zichzelf te zien zoals men dat wenst. Ook in de wetgeving moet deze keuze verankerd worden. Zo willen veel politici zelfidentificatie mogelijk maken: zonder verklaring van een deskundige en ook onder de leeftijd van zestien jaar mag je bij de burgerlijke stand je geslacht veranderen. Daarover vind je hier meer informatie.
Genderdysforie kan ernstig lijden met zich meebrengen. Ook wij zijn gevormd door de moderne psychologie, beïnvloed door de stroom aan digitale informatie en gewend aan technologische maakbaarheid. Maar de Bijbel schiet in geen tijd tekort. Ook nu vinden we richting en leiding in het Woord van God, in het geheel van schepping, val, verlossing, navolging en voltooiing. Dat vraagt van ons dat we evenwichtig de Bijbel laten spreken.
Daarnaast hebben we kennis vanuit de wetenschap. In elke lichaamscel is ons geslacht terug te zien. Er is wel een relatie tussen ons lichaam en onze psyche en gevoelens. Dat bewustzijn helpt ons in de compassie met mensen die gevoelens van onbehagen ervaren over hun geslacht. Tegelijk is er geen wetenschappelijke conclusie dat dit een gevolg zou zijn van een biologische factor, zoals een defect in onze genen.
De visie dat biologie irrelevant zou zijn en dat geslacht en gender los van elkaar staan, staat niet alleen haaks op de biologie, maar ook haaks op de visie dat lichamen goed (‘zoals bedoeld’) geschapen zijn. Mannen- en vrouwenlichamen zijn onderling verschillend, maar hebben elk hun eigen unieke betekenis. Dit ontkennen tast de waardigheid van mannen en vrouwen aan.
Bij de hormonale behandeling kan bij een kind/tiener de puberteit worden uitgesteld door puberteitsremmers. De ontwikkeling naar een mannen- of vrouwenlichaam wordt hiermee uitgesteld. Vervolgens worden hormonen van het andere geslacht gegeven. Ook kan chirurgisch worden ingegrepen door geslachtsdelen te verwijderen of met behulp van plastische chirurgie te creëren. Dit kan de noodzaak van hersteloperaties met zich meebrengen. Wat volgt is levenslange afhankelijkheid van medische zorg en hormonen. Ook kunnen deze behandelingen onvruchtbaarheid tot gevolg hebben, of het niet goed functioneren van geslachtsdelen. Dit belemmerd seksueel genieten . Dit zijn diep ingrijpende gevolgen. Ook na transitie blijven er gezondheidsverschillen en kan de behoefte aan psychische hulp blijven bestaan.
Bij niet-medisch ingrijpen kan een afwachtende houding worden ingenomen (watchful waiting). Tegelijkertijd neemt die het psychische leed niet weg. De NPV pleit voor een alternatieve benadering, waarbij de patiënt, zorgverleners én familie betrokken worden. Door aandacht te besteden aan het persoonlijke verhaal van de patiënt en de invloeden daarop kan beter begrepen worden hoe genderdysforie zich heeft ontwikkeld. Onderliggende problemen zoals trauma of sociale druk kunnen worden blootgelegd. Zo reduceren we genderdysforie niet tot een probleem dat met medische ingrepen moet worden opgelost, maar als een proces van zelfontwikkeling en sociale interactie.
Ethische vragen gaan over het doel, de zin en de uitkomst van een medische behandeling. Bovendien gaat een christelijke ethiek dieper: zij erkent God als Schepper die de mens schiep naar Zijn beeld: mannelijk en vrouwelijk. Maar we leven in een gebroken wereld: er is lijden, er zijn ziekten en handicaps. De geneeskunde en gezondheidszorg hebben grote vooruitgang geboekt in het bestrijden en behandelen van ziekte. Tegelijk erkennen we dat genezing, herstel en welzijn lang niet altijd bereikt kunnen worden zoals wij dat graag zouden zien. Ziekte mag bestreden worden, maar niet tegen elke prijs. Ons lichaam is uniek geschapen, maar ook begrensd in mogelijkheden. Dat vraagt ook om erkenning van wat we wel en niet kunnen veranderen en onderwerping aan Hem. Een medische transitie stuit dan ook op grote bezwaren.
We mogen elkaar ook bemoedigen en elkaar wijzen op aanvaarding, vertrouwen op Gods leiding en nabijheid, volharding, geduld, moed om de situatie onder ogen te zien en hoop, op Gods genadige nabijheid en Zijn heerlijke toekomst, waar geen genderdysforie meer is.
De NPV zet zich al ruim veertig jaar in voor de zorg voor het leven. Heeft u vragen over genderdysforie of thema's die daarmee te maken hebben?
Bij deze of andere vragen kunt u contact opnemen met de NPV-Advieslijn. We staan u graag te woord!
NPV-Advieslijn
22 mei 2026
Op 2 juni a.s. hoopt de Eerste Kamer te debatteren over de Wet strafbaarstelling conversiehandelingen. Deze wet moet het voor bepaalde betrokkenen illegaal maken om iemands seksuele identiteit of genderidentiteit ‘te veranderen of te onderdrukken’.
30 oktober 2025
De uitslag van de verkiezingen is in grote lijnen een feit. Het is duidelijk dat D66 een grote partij zal worden. Dit is geen goed nieuws voor medische ethiek. Deze partij staat ver af van de NPV-standpunten.
13 oktober 2025
De NPV heeft een brief gestuurd aan de leden van de Eerste Kamercommissie J&V over de ‘conversiehandelingen’ wet waarmee het strafbaar zou worden om iemands “seksuele gerichtheid of genderidentiteit” “te veranderen of te onderdrukken”.
De NPV is er om u van goede informatie te voorzien. Wilt u ons helpen om daar ook in de toekomst mee door te kunnen gaan?