Landelijk evaluatie-onderzoek van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding.
Landelijk evaluatie-onderzoek van de 'Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding'
Ruim 30 NPV-leden werkten in 2006 door middel van een vragenlijst mee aan het landelijke evaluatie-onderzoek van de 'Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding'. Naast mensen uit de beroepspraktijk werden ook patiëntenorganisaties bevraagd. Het evaluatierapport werd op 10 mei jl. aangeboden aan staatssecretaris Bussemaker (VWS) en minster Hirsch Ballin (Justitie). Dit onderzoek heeft betrekking op de situatie in 2005. Eerdere onderzoeken betroffen de situatie in 1990, 1995 en 2001.
Het beeld uit dit onderzoek lijkt te zijn dat het de goede kant opgaat in Nederland met de euthanasiepraktijk. Dat is het overheersende beeld dat in de media naar voren kwam naar aanleiding van de resultaten. Euthanasie en hulp bij zelfdoding zijn in Nederland de afgelopen jaren aanzienlijk afgenomen. Het percentage gemelde gevallen steeg daarentegen fors: bij de toetsingscommissies euthanasie werd in 2005 80 procent van alle gevallen gemeld, waar dat in 2001 nog 54 procent was. Een van de belangrijkste conclusies is dat het aantal gevallen van euthanasie en hulp bij zelfdoding fors is gedaald. Ook de categorie 'levensbeëindiging zonder uitdrukkelijk verzoek' is in het peiljaar 2005 bijkans gehalveerd ten opzichte van de situatie in 2001. Ook het meldingspercentage is drastisch gestegen.
Betekent dit dat we opgelucht adem kunnen halen? Toch niet. We noemen twee typen situaties.
1. Voor euthanasie of hulp bij zelfdoding bij beginnende dementie begint steeds meer begrip te ontstaan. Iemand die begint te dementeren en bang is voor verder verlies van verstandelijke vermogens en voor afhankelijkheid van anderen, vraagt om hulp bij zelfdoding. Voor hem of haar hoeft het niet meer. In de rechtspraak is al een precedent van aanvaarding van een dergelijk geval van hulp bij zelfdoding.
2. Het tweede type situatie wordt wel aangeduid met ”klaar met het leven” of ook wel 'lijden aan het leven'. Dergelijke verzoeken doen zich nu ongeveer 1740 keer per jaar voor. Onduidelijk is hoe vaak een dergelijk verzoek wordt ingewilligd. Wel blijkt ruim een kwart van de artsen van mening dat in uitzonderlijke situaties een dergelijk verzoek ingewilligd kan worden. Duidelijk is dat de grenzen van euthanasie dan wel hulp bij zelfdoding onder druk staan.